Onderzoek met straling

Toetsingscriteria.

Voor stralenbelasting zijn specifieke criteria vastgelegd in:

  1. Besluit Stralingsbescherming (BS) van 16 juli 2001 zoals gepubliceerd in het Staatsblad 2001, 397. (http://wetten.overheid.nl/BWBR0012702/2017-08-01)
  2. Conform artikel 60 van het BS, zie ook de nota van toelichting, kan voor de inhoudelijk aspecten van de stralingsbescherming van de blootstelling van proefpersonen gebruik gemaakt worden van de normen opgesteld door de International Commission on Radiological Protection in ICRP Publicatie 62 (ICRP 62) (http://www.icrp.org/publication.asp?id=ICRP%20Publication%2062).
  3. Het Gezondheidsraad Rapport GR 2007-03 van 24 januari 2007, getiteld “Risico’s van blootstelling aan ioniserende straling”. (klik hier voor de link naar de website)
  4. Informatie zoals door de overheid ter beschikking wordt gesteld op de web site (http://www.rivm.nl/Onderwerpen/M/Medische_Stralingstoepassingen) (voorheen IMS:Informatiesysteem Medische Stralingstoepassingen van het RIVM).
  5. Het advies van deskundigen.

 

Op grond daarvan komt de METc tot de volgende aanbevelingen voor wat betreft stralenbelasting:

  1. Vaste normen voor de toelaatbaarheid van stralingsbelasting in het kader van wetenschappelijk onderzoek zijn niet te geven. Altijd zal een afweging van risico’s verbonden aan de (extra) stralingsbelasting en het voordeel voor de individu en/of collectief moeten plaats hebben.
  2. De stralingsbelasting ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek dient opgegeven te worden in mSv met vermelding van de naam van de stralingsdeskundige verantwoordelijk voor de berekening van de stralingsbelasting.
  3. Met in achtneming van punt a. is het toelaatbaar een effectief dosisequivalent van 10 mSv per jaar (cumulatief), categorie IIb ICRP 62, te benaderen ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek, mits dit dosisequivalent gemiddeld gedurende het leven, tellend vanaf het 18de jaar, de 1 mSv per jaar niet overschrijdt.
  4. Bij een (cumulatieve) stralingsbelasting groter dan 10 mSv, categorie III ICRP 62, dient expliciet te worden aangegeven waarom een dergelijke stralingsbelasting in dit geval toelaatbaar wordt geacht. Ook in dit geval mag het dosisequivalent gemiddeld gedurende het leven, tellend vanaf het 18de jaar, de 1 mSv per jaar niet overschrijden. Risicobeperking kan bereikt worden door oudere (> 50 jaar) proefpersonen aan te trekken indien dat mogelijk is.
  5. Uitgesloten zijn: kinderen (< 18 jaar), zwangeren en blootgestelde werknemers, tenzij het onderzoek uitsluitend bij deze categorieën kan worden uitgevoerd en het experiment gericht is op uitkomsten die in het bijzonder aan personen in deze categorieën ten goede komen.
  6. Potentiele proefpersonen die als proefpersoon in het verleden zijn blootgesteld aan straling en (nog) niet voldoen aan het criterium van maximaal 1 mSv per jaar gedurende het leven, tellend vanaf het 18de jaar, dienen geëxcludeerd te worden of dienen beperkt te worden voor een volgend onderzoek.
  7. In de schriftelijke informatie voor deelnemers dient een vergelijking van de (extra) stralingsbelasting ten gevolge van het onderhavig onderzoek t.o.v. de gemiddelde stralingsbelasting van de Nederlands bevolking (2.5 mSv per jaar inclusief 0.5 mSv voor medische toepassingen) te worden opgenomen.